Categorie archief: geestelijke armoede

Dadaïsme en de moraal & dood

Ontdek wat je digitale profiel niet over je zegt (Tanny Dobbelaar, Katern de Verdieping/Trouw, 5-5-20)

boekrecensie Miriam Rasch, Frictie, ethiek in tijden van dadaïsme. De Bezige Bij, 238 blz. €21,99

De auteur

Essayist Miriam Rasch studeerde literatuurwetenschap en filosofie. Ze doceert aan het Instituut voor Netwerkcultuur aan de Hogeschool van Amsterdam. In 2017 verscheen haar essaybundel ‘Zwemmen in de oceaan: Berichten uit een postdigitale wereld’. Ze schrijft recensies en essays voor onder meer De Groene Amsterdammer.

(…)

  • Rasch bekritiseert het dataïsme vooral omdat het streeft naar een gladde, wrijvingsloze, voorspelbare wereld. Daartegenover stelt ze de opvatting van Simone de Beauvoir: Sans échec, pas de morale, zonder mislukking geen moraal. Ethiek ontstaat door falen, conflict, niet-weten, imperfectie. Een ethische keuze is altijd een tragische, menselijke, imperfecte keuze. Dataïsme probeert daarentegen voor elk probleem een technologische en perfecte oplossing te vinden waardoor het menselijke juist verdwijnt.

Een soort cyborg dus en dus is er nooit eerder, maar wel ongeveer gelijktijdig een grote illusie geschapen zoals dit dadaïsme naast cyborg.

(…)

https://krant.trouw.nl/titles/trouw/8321/publications/937/articles/1132080/31/1

De illusies van het ego (1)

[bron: Een cursus in wonderen, hfd 4, Inleiding, p.52]

‘Je kunt naar keuze vanuit de geest of vanuit het ego spreken. Als je vanuit de geest spreekt, heb je gekozen voor ‘Wees stil en weet dat ik God ben’. Deze woorden zijn geïnspireerd omdat ze kennis weerspiegelen. Als jij vanuit het ego spreekt, doe je afstand van kennis in plaats van die te bevestigen, en ontneem jij jezelf zo inspiratie. Begeef je niet op zinloze reizen, want die zijn inderdaad tevergeefs. Het ego kan daar misschien naar verlangen, maar de geest kan zich er niet in begeven, omdat hij voor altijd onwillig is zijn Fundament te verlaten.’

Hier staat een mooi beeld van het fenomeen vanuit de heilige geest, je geestelijk-zijn te spreken. Ik schrijf bewust heilige geest met kleine letters, omdat ik mij niet wil beroepen op de bijbel, vanwege de verwarring die daaruit kan ontstaan. Ik ben een christen die niet in kerkelijke traditie is opgevoed en die mezelf na een lange zoektocht tot christen heeft verklaard, een christelijk bewustzijn van binnenuit en dus alleen gebaseerd op mijn hartsgevoelens. Ik voel mij dus op mijn manier drager van het kosmische Christusbewustzijn, waarvan de historische wereldleraar Jezus een manifestatie van was.

Ego betekent voor mij het uitschakelen van het persoonlijk ik-bewustzijn om daarmee de goddelijke zielenkern van jezelf tot uiting te brengen en het kosmische BewustZijn te laten spreken waarnaar je kunt luisteren. Vandaar het ‘Wees stil’ in het citaat, en dat is ook de voorwaarde om die goddelijke stem te kunnen horen. En die stem, die geestelijke woorden, dat gevoel is inderdaad inspiratie, want het komt als geestelijke inspiratie tot je.

Vandaar ook dat ‘het’ – overgeaccentueerde – materiële, het stoffelijke enerzijds en het geestelijke anderzijds niet zich tegelijkertijd kunnen manifesteren: het is of het één of het ander. 99% van de mensheid leeft vanuit het ego- of Ik-bewustzijn (het zg. derde dimensionale bewustzijn of 3D) en heeft dus geen contact met het kosmische, met het geestelijke. Dit betekent dat als je niet kunt mediteren en in stilte kunt verblijven (wat voor het overgrote deel van de mensheid geldt), je ook geen contact met dat kosmische (dit woord heeft mijn voorkeur boven het goddelijke). Mediteer je niet dan  ‘ontneem jij jezelf zo de [innerlijke] inspiratie’. Vandaar dat de weg tot de verlicht een moeilijke en langdurige is. nogmaals: materie en geest sluiten elkaar uit, hoewel ze kunnen samenwerken als de materie effectief en dus alleen waar nodig wordt gehanteerd; en zeker niet in ‘overmaat’.

Wordt vervolgd

 

Geestelijke armoe van huidige mensheid en cultuur goed verwoord

[Peter Toonen, De thuiskomende AARDE. Essays over de transformatie van onze planeet voorbij 2012. 2009, 116/7]

‘Ik heb bij de oorspronkelijke volkeren van Midden- en Noord-Amerika mogen meemaken hoe men daar gezamenlijk tot beslissingen kwam. Men zat in een cirkel. De mannen in een binnencirkel, de vrouwen in die daar omheen. Eerst was er stilte. Dan begon één van de aanwezigen te spreken, d.w.z. de geest sprak door hem. Vervolgens sprak de geest via een ander. Er werd niet gepraat of gediscussieerd, maar gesproken en geluisterd. Er werd niet geoordeeld, er was wat er was. En vaak met veel emotie, maar dat was niet persoonlijk bedoeld, maar wederom een uiting van de geest via een mens. Een ‘indiaan’ zegt niet: ik ben boos, of ik ben verdrietig. Maar er stroomt boosheid door mij. Of: er stroomt verdriet door mij heen (of blijdschap). Voel je het verschil? Er was nooit een afspraak over de tijdsduur van een bijeenkomst. Er was uiteindelijk slechts een moment waarop voor iedereen helder was wat de hoogste beslissing was. En die werd vervolgens voorgelegd aan de vrouwen. Pas als zijn daarna ‘ja’ knikten, was er werkelijk beslist.’

De conclusie luidt dus dat onze democratie een materialistisch instrument is omdat ‘we’ – samenleving en politiek – het contact met ons hart zijn verloren (geraakt). Dat past ook bij het dualisme van de aarde en van deze mensheid. Er is dus sprake van een evolutionaire ontwikkeling vanuit deze materiële dimensie terug naar de spirituele. Pas als ons dat is gelukt, zijn we als mensheid ‘verlicht’.