Categorie archief: waardigheid

Lineairiteit ofwel ééndimensionaliteit contra twee- en driedimensionaliteit

Alleen wederkerigheid maakt in een relatie twee mensen rijk (Stijn Fens, Bladen/de Verdieping/Trouw, 1-7-19)

‘Haar [Désanne van Brederode] roman ‘Wonderland’ werd zaterdag nog lovend in Trouw besproken. “Waar moeten we menselijke waardigheid aan af?, vraagt Van Brederode zich hardop af. Alleen aan hard werken en succesvol zijn? Ik droom wel eens van een omkering. Je kunt waardigheid ook afnemen aan warmte, oprechtheid, onbevangenheid.”

Op zichzelf is ‘waardigheid’ niet zo moeilijk te meten omdat het gaat om medemenselijk respect kunnen tonen aan letterlijk alle mensen in het publieke domein (dus buiten op straat, en niet in de veilige binnenruimte van het woonhuis); waardigheid betekent niets anders dat iedereen om je heen als volkomen gelijkwaardig aan jezelf. De ander heeft dezelfde (politieke en juridische) rechten als jezelf. De moeilijkheid schuilt dus in de vraag wat je doet als je het fundamenteel oneens bent met je gespreksgenoot of in een ‘openbaar conflict’ in de trein/bus of binnen het parlement, om maar te zwijgen over alle openbare discussiebijeenkomsten.

In mijn visie is dus ‘waardigheid’ ofwel ‘waardig handelen’ erg moeilijk als je niet weet hoe je moet reageren op mensen waar je het fundamenteel oneens bent. Want discussie met gelijkgestemden is eenvoudig: je probeert het redelijke middelpunt te vinden en in politieke termen dus consensus. Maar als je tot de uiterste flanken behoort in politieke termen, zodat je niet met de ander kunt overleggen omdat je niet van je eigen gelijk wenst te wijken en de ander dus ook niet, dan verkeer is je in niemandsland want er is geen communicatie mogelijk. En ‘niemandsland’ betekent niet alleen uiterste polarisatie zoals de populisten laten zien, maar extreem denken en dus ver van het midden verwijderd en dus fundamentalistisch denken waar geen flexibiliteit in het denken mogelijk is (1D).

Een 3D-denker zal zich in dat klimaat afzijdig houden omdat er geen winst (nieuwe standpunten) of eenheid bereikt in gemeenschappelijke oplossingen gevonden kunnen worden. Fundamentele ofwel compromisloze mensen zoeken altijd hun eigen gelijk waarbij alles buiten de traditionele opvoedingspatronen valt wordt afgewezen. Daarmee valt kortom niet te overleggen en oplossingen te vinden. Het gaat dus om ‘primitieven’ in het denken waarvan een heleboel varianten bestaan.